Activiteit 29 – een eigen plattegrond maken

Activiteit 28 – Denken vanuit de driedimensionale ruimte en denken vanuit de tweedimensionale plattegrond
9 mei 2021
Laat alles zien

Activiteit 29

een eigen plattegrond maken

Leerdoel:

De kinderen kunnen posities van voorwerpen in de ruimte overbrengen naar posities in het platte vlak (hierbij rekening houden met de eigen positie).

Waar?

In het klaslokaal.

Hoe?

De oudste kinderen moeten zelfstandig kunnen werken. De jongste kinderen zullen individueel begeleid moeten worden.
Bij deze activiteit gaat het niet om het eindproduct, maar om het proces en om de ervaringen die de kinderen opdoen tijdens het werken aan de activiteit en het nabespreken ervan.
Let op: je zult ervaren dat er grote verschillen kunnen optreden tussen individuele kinderen. Probeer ieder kind binnen zijn mogelijkheden te ondersteunen.

Observatiepunten:

Kan het kind een plattegrond tekenen?
Kan het kind een toelichting geven bij een zelfgemaakte plattegrond en daarbij begrippen gebruiken die onderlinge posities, afstanden en richting aangeven?

Materiaal:

grote vellen tekenpapier
viltstiften, potloden

Toelichting bij de activiteit:

Geef de kinderen de opdracht om een plattegrond van de klas te tekenen. De kinderen hebben daarbij geen vast punt op hun blad. Als ze er zelf een zoeken (bijvoorbeeld de deur) is dat natuurlijk prima. Ze moeten ook zelf beginnen met de omtrek van de klas aan te geven. Veel kinderen zullen hiervoor automatisch de begrenzing van het tekenpapier gebruiken. Komen ze op hun vel papier ruimte tekort, dan kun je er een stuk aanplakken.

De kinderen zullen bij deze activiteit rekening moeten leren houden met hun eigen positie in de ruimte die ze tekenen. Dit kan nog erg moeilijk zijn. Alle ruimte achter hen is bijvoorbeeld vóór hen wanneer ze zich omdraaien. Heel vaak zullen de kinderen met deze transformatie geen rekening houden. Kinderen die hebben leren werken met het maken van mentale voorstellingen en het hardop denken (zoals in activiteit 28), hebben hiermee waarschijnlijk minder problemen. Fouten en onlogische tekeningen – althans: in onze ogen- worden bij deze activiteit geaccepteerd.

Als de kinderen klaar zijn, is het van belang om de plattegrond te bespreken. Neem hiervoor ruim de tijd want juist wanneer ze proberen uit te leggen wat ze getekend hebben, controleren de kinderen automatisch hun eigen tekening. Het verwoorden van ruimtelijke relaties wordt zo wederom geoefend. En het geeft het kind de mogelijkheid om in zijn tekening ‘fouten’ of ‘onduidelijkheden’ te ontdekken en die te verbeteren.

Variatie:

In plaats van de plattegrond van de klas kunnen de kinderen thuis ook een plattegrond van hun slaapkamer maken. Ze kunnen deze plattegrond dan mee naar school nemen om daar samen te bespreken (eventueel in combinatie met een foto).

 

Tilburg, april 2021
Erica Ritzema

 

 

 

 

Onder redactie van: Hans Vermeer
Website/social media/vormgeving Lida Boonstra

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *