Activiteit 23 – Wat gebeurt er in de wijk?

Activiteit 22 – De wijk bouwen
15 april 2021
Activiteit 24 – in gedachten
23 april 2021
Laat alles zien

Activiteit 23

Wat gebeurt er in de wijk?

Leerdoel:

De kinderen kunnen begrippen die positie en richting aanduiden passief en actief gebruiken (naast – in – op – aan – om – onder – links van – rechts van – bij – tegen – tussen – middenin – in het midden – aan de kant (van) – in een rij – in een kring – binnen – buiten – boven – beneden – voor – voorop – voorin – vooraan – achter – achterop – achterin – achteraan – vlakbij – dichtbij – weg – ver weg – schuin).

Waar?

In het lokaal

Hoe?

Verdeel de groep in groepjes van 4-6 oudste kleuters.
Groepsgesprekjes onder leiding van de leerkracht rondom de al dan niet afgebouwde maquette (zie activiteit 22).
Bespreek ook aspecten die sociaal-emotionele kanten van de wijk benadrukken of te maken hebben met wereldoriëntatie: Vind je het fijn om hier te wonen? Ken je ook andere wijken? Wie wonen er in onze wijk?

Observatiepunten:

Kan het kind opdrachten uitvoeren aan de hand van begrippen zoals die onder ‘Leerdoel’ zijn genoemd?
Kan het kind routes beschrijven aan de hand van begrippen zoals die onder ‘Leerdoel’ zijn genoemd?

Materiaal:

maquette van een zelfgebouwde wijk (zie activiteit 22)
een auto of popje.

Toelichting bij de activiteit:

Gebruik de maquette uit activiteit 22 als uitgangspunt voor groepsgesprekjes waarin posities, richtingen en afstanden een rol spelen. Daarvoor kun je bijvoorbeeld het volgende doen: plaats een autootje (of popje) in de maquette. Vraag de kinderen om even de ogen te sluiten en plaats de auto op een andere plek in de maquette.
Waar stond het autootje eerst?
Hoe zou het op de nieuwe plek zijn gekomen (beschrijf de route)?
Langs welke gebouwen is de auto gereden?
Had het ook nog een andere weg kunnen kiezen?
Was dat de langste of kortste weg/ de mooiste weg? Enzovoort.
Stimuleer het gebruik van de begrippen onder ‘Leerdoel’, neem geen genoegen met alleen aanwijzen.

Laat kinderen met autootjes (of popjes) spelen alsof ze naar school gaan/ naar het zwembad gaan/ boodschappen doen en dergelijke. En laat ze daarbij hardop vertellen hoe ze lopen of rijden. Dit kan overgaan in vrij spel.

Tekenopdracht: laat de oudste kleuters aan de hand van de maquette een stripverhaal tekenen met daarin de prominente plaatsen van school naar huis.

 

Tilburg, april 2021
Erica Ritzema

 

Onder redactie van: Hans Vermeer
Website/social media/vormgeving Lida Boonstra

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *